Zo scherp als naalden - Mijn Kort Verhaal - Mijn Kort Verhaal Zo scherp als naalden - Mijn Kort Verhaal

Magali Meijers

18 jaar - VWO

1
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Magali Meijers (18 jaar)

? stemmen

Zo scherp als naalden

 

 

Zo scherp als naalden

Mijn hoofd is gebogen, ik zie mijn voeten onder mij. Ze bewegen automatisch voort, alsof ze beter weten waar mijn bestemming is dan ik. Het klopt ook, ik weet niet waar ik naartoe loop. Ik loop niet ergens naartoe, ik loop ergens van weg. Grappig hoe mijn hoofd ergens van weg probeert te lopen, maar mijn voeten ergens naartoe.

Waarom kan het leven niet zo simpel zijn als mijn voeten. In een vloeiende en automatische beweging voltooien ze hun taak. Voetje voor voetje met een bestemming als duidelijk doel.

Maar dan realiseer ik me dat voeten soms ook niet werken, net als het leven.

 

Een half uur geleden voelde het alsof er duizenden naaldjes tegelijkertijd in mijn hart geschoten werden. En met ieder woord dat mijn moeder uitsprak nog een paar meer.

‘Kanker.’ Ik hoopte dat ze het woord nooit meer uitsprak. ‘Sorry Roos, maar het is kanker.’ Alle naaldjes in mijn hart drukten dieper in mijn hart. God wat haat ik dat woord. Een kutwoord met een kutbetekenis. In mijn hoofd viel alles op zijn plaats en werd tegelijkertijd alles overhoop gehaald. Alle symptomen en signalen werden volkomen logisch, maar mijn wereld was vervangen door de naalden. Vlijmscherpe naalden. In een opwelling stond ik op. Ik kon niet meer denken, mijn voeten namen het over. Het voelde alsof de muren van onze woonkamer in een zee waren veranderd en ik met geen mogelijkheid boven water kon komen. Naar buiten. Lucht.

 

Nu loop ik hier rond. Doelloos. Ik loop door het park, langs de speeltuin. Ik zie niet alleen de speeltuin maar ook mezelf, mijn zusje Minte, mijn vader en mijn moeder. Mama vangt ons onderaan de glijbaan op en papa maakt zoals gewoonlijk een foto. Ik lachte hard, want wat was de glijbaan toch geweldig. Tranen proberen een weg naar buiten te vinden. Waarom moet verdriet zo concreet weerspiegeld worden naar de buitenwereld. Waarom zijn er tranen om het rotte gevoel in mij te bevestigen.

Ik loop snel verder en passeer het station. Ik heb de neiging om gewoon op de trein te stappen en weg te gaan. Weg te lopen van het verdriet, de woede, de oneerlijkheid. Een enkeltje TImboektoe graag. Een trein raast voorbij, ik zie mijn gezin zitten in de trein. Mijn vader, Minte, en ik. Maar mama is er niet. Dit herinner ik me nog zo goed. Op Utrecht Centraal moesten we overstappen op de trein naar Eindhoven, waar oma woont. Ik weet nog hoe overweldigend het drukke station was voor mijn vijfjarige ik. Eenmaal in de trein ontstond de paniek, mama was er niet. Ik en Minte hebben zo veel gehuild, papa sprak ons kalmerend toe ‘meiden, alles komt goed met mama, straks is ze er weer.’ En inderdaad, tien minuten nadat we bij oma waren aangekomen, was mama er weer. Papa had gelijk. Natuurlijk.

 

Mijn hand gaat naar mijn wang, ik had helemaal niet door dat ik huilde. Starend naar de treinen stromen de tranen over mijn wangen. De Niagara Waterfalls zijn er niks bij. Het liefst wil ik op de grond liggen, mezelf oprollen en verdwijnen in de grond. Als een gewortelde boom blijf ik hier voor altijd liggen. In plaats van op de grond te gaan liggen, gaan mijn voeten weer bewegen. Niet alleen mijn voeten, maar ook ikzelf weet nu waar mijn bestemming is. Ik ga weer terug naar die plek, naar huis, naar mama, knuffel haar, zeg dat alles goed komt en laat haar nooit meer los. Het park laat ik achter me, ik heb de neiging om te rennen. Ik denk weer aan de trein, aan papa die zegt ‘alles komt goed met mama’. De watervallen op mijn wangen zijn er weer. Rennend en huilend sprint ik naar huis. Ik voel de scherpe naalden, maar ik voel ook mijn hart waar ze in zitten. Thuis knuffel ik mama, en Minte, en papa. Ik knuffel en ik huil, we huilen en we lachen. De naalden ontspannen een beetje. Een heel klein beetje. Alles komt goed.

Einde

 

Ontwerp door Willem Verweijen