Zeewater en tranen zijn even zout - Mijn Kort Verhaal - Mijn Kort Verhaal Zeewater en tranen zijn even zout - Mijn Kort Verhaal

Rani Aertgeerts

19 jaar - ASO

236
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Rani Aertgeerts (19 jaar)

? stemmen

Zeewater en tranen zijn even zout

De maan vormde een sikkel op het water naast de sloep. Ik leunde over de rand, waardoor de boot begon te schommelen, en bracht mijn hand naar de weerspiegeling. Ik stopte voordat mijn vingertop het water kon raken, iets bewoog zich naast de andere kant en trok mijn aandacht. De zee was onverklaarbaar rustig maar de zeewezens leken dat niet. Er was een reden waarom ik ’s nachts naar de zee trok en die reden heette: Thalia. Het klinkt cliché, als een liedje dat al teveel op de radio gespeeld werd zodat iedereen van zender verandert of zucht wanneer het opspringt. Je kent de woorden, de melodie en de zang dus het verrast je niet meer. Maar Thalia is niet zomaar een meisje waar ik verliefd op werd. Nee, zij leefde in de zee. Niemand geloofde mij, zelfs mijn vrienden niet. Ik was me bewust dat mijn fantasie en creativiteit door de jaren heen mijn drijfveer waren geworden waardoor ik realiteit en werkelijkheid soms door elkaar sloeg. En dat was helemaal niet zo erg want wie werd er niet telkens een beetje depressief wanneer ze naar het nieuws keken? De realiteit was hard en pijnlijk maar onvermijdelijk.

Toen zag ik Thalia en plots leek de realiteit onmogelijk.

De eerste keer dat ik haar zag verscheen ze in de ochtendzon met donkerrode haren die waren gebonden in een vlecht die tot haar onderrug reikte. Ze lag aan de waterkant, haar vingers wriemelend in het zand en haar neus in de lucht om de zoute geur van de zee op te vangen. Ik zat op de rotsen met een schriftje in mijn hand en tekende het beeld voor mij. Het was niet mijn bedoeling geweest om haar te tekenen maar als je iets mooier of interessanter ziet, dan kan je niet anders dan je ogen af te wenden van het water en ze te richten naar het meisje. Ze merkte mij plots op, de loutere toeschouwer op de rotsen, en stak haar hand op. “Ik dacht dat ik alleen was.”, zei ze met grote groene ogen,” Mijn naam is Thalia”. Ik sloot mijn schriftje en stak het potlood achter mijn oor terwijl ik naar haar toe wandelde. “Dat dacht ik ook. Ik ben Sam.” Thalia glimlachte, al droeg ze een soort verdriet in haar ogen dat ik niet meteen kon plaatsen. Ze gooide haar vlecht over haar schouder die dezelfde sproeten deelde als die op haar gezicht, en sprak:” Je lijkt niet geschokt. Ben ik niet de eerste zeemeermin die het genoegen heeft om jouw schattig gezichtje te zien?”

Ik schudde mijn hoofd en ze greep plots mijn kin vast:” Spijtig” Haar grijns verdween pas wanneer ze in de golven verdween en ik alleen gelaten werd met mijn verwarring.

Je krijgt een keuze. Grijp je de kans of niet? Volg je jouw hart of geweten? Uiteindelijk hebben we onze keuzes zelf in de hand maar de gevolgen zijn buiten ons bereik. Hebben we niet allemaal eens de klok willen terugdraaien tot het punt waarop we een keuze moesten maken en dachten dat we de juiste hadden gemaakt? Onze beslissing van goed of kwaad is enkel te meten wanneer we de gevolgen te weten komen maar de oorzaken moeten natuurlijk eerder plaatsvinden. Mijn oorzaak: ik werd verliefd. Ik was voor haar op deze sloep gestapt ondanks mijn watervrees. Ik had aan het strand naar de boot staan kijken die bewoog op het ritme van de golven. Mijn voeten leken vastgelijmd op het zand maar ik raapte mijn moed bijeen. Ik dacht aan haar, gooide mijn ene been over de rand en stapte over de waterlijn in het bootje. Ik maakte de overstap van land op zee voor haar. Dus ik bevond me nu op zee, hopend om nog eens het meisje te zien te krijgen. Ik voelde mijn oogleden zwaarder en zwaarder worden en schoof een beetje onderuit om comfortabeler te liggen en viel in slaap. Het begon als een dof geluid in mijn schedel, een soort van gefluister totdat het luider en luider werd en mijn droom uiteenspatte. Ik werd wakker in de sloep en Thalia hing langs de rand. “Hey lekkerd. Lekker geslapen?”

Ik wreef over mijn bonkende hoofd,” Was je net aan het zingen?”

Ze liet zich van de sloep zakken en ik merkte dat ze iets blinkend in haar haren had gevlochten. “Zijn dat- munten?”, ik leunde dichter. Mijn hersenen lichtten een lampje in mijn hoofd en ik voelde snel in mijn jaszakken. “Hey! Dat is mijn geld!” Ze grijnsde speels en zwom een stukje verder van de boot, haar staart drijvend naar het oppervlak. “Als je het terug wilt, moet je het komen halen.”

Ik keek angstig naar het water en het meisje dat aanlokkelijk naar mij keek. Ik duwde mijn watervrees uit mijn hoofd, iets dat ik deed voor haar, en waagde de sprong in de inktzwarte duisternis. Mijn adem stokte in mijn keel door het ijskoude water en mijn ledematen wilden niet meer bewegen. Thalia kwam mijn richting uit met haar glinsterende ogen en verblindende glimlach. Ze greep mijn trui vast, boorde haar nagels in mijn vel en moffelde mijn schreeuw door mij te kussen. We zonken en ik probeerde te watertrappelen, iets te doen, maar niets werkte. Ik verdronk door haar, de verkeerde keuze. Ze verdween voor mijn ogen, alsof ze een waanbeeld was en ik zonk naar de diepte met een gebroken hart.

Een week later vonden ze de sloep met mijn schrift in. Er was niets in getekend buiten een wazige schets van een meisje op het strand. Mijn lichaam vonden ze meteen daarna met geld nog in de jaszakken. Mijn armen stonden vol beten, ze waren zeker dat het haaien waren geweest en ze vonden vergif in mijn lichaam. Op de boot lag een leeg flesje rattengif dus het mysterie was snel opgelost.

Sam, 18 jaar, pleegde zelfmoord na het tragische overlijden van beide ouders op zee. Sam leed aan waanvoorstellingen na het innemen van overdosissen medicatie.

Ontwerp door Willem Verweijen