Verliefd op het eerste en laatste gezicht - Mijn Kort Verhaal - Mijn Kort Verhaal Verliefd op het eerste en laatste gezicht - Mijn Kort Verhaal

Roelof Jansen

20 jaar - Vwo

1
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Roelof Jansen (20 jaar)

? stemmen

Verliefd op het eerste en laatste gezicht

Ik loop tussen door de smalle van straten van Utrecht, die afgebakend zijn met hoge gebouwen, langs de grachten. Ik kom voorbij ‘Pathé Rembrandt’. Deze klassieke, gezellige maar toch commerciele bioscoop brengt nostalgie in mij naar boven; mijn eerste film, mijn eerste echte date, mijn eerste echte afwijzing. Ik raak verzonken in al mijn herinneringen terwijl ik in mijn buik datzelfde zenuwachtige gevoel voel, dat ik voelde toen ik samen met mijn eerste echte vriendinnetje naar binnen stapte. Ookal was dat dezelfde avond dat ik mijn eerste echte afwijzing te verwerken kreeg, is het gevoel dat ik toen ik met haar de bioscoop binnen stapte weer terug. Vlinders in mijn buik. Ookal heb ik een afwijzing te verwerken moeten krijgen op diezelfde avond, denk ik heel positief terug over die avond maar ook aan haar. Ik vind dat zulke gebeurtenissen je sterker maken en bewuster over wie je echt bent. Ookal heb ik moeite met überhaupt het gezicht van het meisje voor mij te trekken, het gevoel is er wel.
Ik sla links af en verwijder mijzelf stap voor stap van de grachten, richting het Neude. Ook het aanzicht van het neude zelf brengt geweldige herinneringen in mij op; koningsnacht, mijn eerste echte avondje uit. ‘Kingsnight’ beter gezegd. Onbekend met het uitgaansleven, hadden wij de avond van ons leven gehad.
Kijkend alsof dit kleine beetje Utrecht van mij en niemand anders is, loop ik tegen een meisje op die wacht om over te steken. De duw die ik gaf veroorzaakte dat zij bijna viel, wat als gevolg heeft dat zij gedesoriënteerd en uit balans op het fietspad staat. Een voorbij komende fietser weet haar ternauwerdood te ontwijken en realiseert evenmin wat er zojuist gebeurde.
Terwijl adrenaline in zijn hoogste versnelling door mijn bloed pompt, draait zij om en kijkt mij boos aan. Verschrikt als dat ik ben, weet ik niet wat ik moet zeggen. Met een bek vol tanden, is een canon van excuses het enige wat ik kan zeggen. Veel helpt het niet. Het is slechts mijn uitgestoken hand die haar enigzins geruststelling biedt. Zij pakt mijn hand met haar kleine vingers, althans haar vingers oogden klein naast mijn handen. Mijn bloeddruk zakt, eindelijk kan ik haar goed in mijn opnemen. Als een geoloog die een geschrift bestudeert, bestudeer ik ook haar gezicht terwijl ik haar dichter naar mij toe trek als een schip dat in een veilige haven komt na gevaren te hebben over hevige wateren.
Bedwelmd onder haar geurtje dat een sterke indruk van appel geeft, kijk ik naar haar gezicht. Ik gok dat ze niet veel ouder is dan ik, misschien zelfs net iets jonger. Haar neus is ietswat spits en haar ogen zijn, integendeel tot haar smalle wenkbrauwen, groot en zowel prachtig als helder. Gekleurd als een zee maar schitterend als de zon. Haar lippen volgen de trend die haar wenkbrauwen hebben gezet en zijn eveneens smal. Alhoewel ze geen spitse kin heeft, heeft zij een zeer aanwezige kaaklijn. Haar goudkleurige haar dat niet heel veel verder strijkt dan haar schouders hangt half voor de sproeten die haar jukbeenderen decoreren. Haar haar krijgt een scherp accent door de laaghangende zon die een gouden randje er omheen vormt. Mijn inspectie wordt onderbroken.
‘Hallo?!’ ‘Hey! vind je dat normaal?’ Zij bijt van zich af als een moeder die haar jongen beschermt tegen een indringer. ‘Sorry het was niet de bedoeling, ik dacht aan iets anders en toen…’ ‘En toen besloot je me op het fietspad op te gooien?’ Haar ogen spuwen vuur, net als haar karakter. Wauw, er kwamen vonken uit haar ogen die een vuur in mijn onderbuik deden oplaaien. ‘Je ogen fonkelen als kometen’. Fuck, dat zei ik hard op. Wie zegt zoiets?! Het helpt wel. Haar giftige uitstraling maakt plaats voor een blik die onbegrip uitstraalt. ‘Wat zei je over mijn ogen?’ Uit angst voor nog een scheldsonnet herformuleer ik mijzelf. ‘Kan ik het goedmaken door je mee te nemen uit eten?’
Wat haat ik mijzelf. Als een geslagen hond sta ik ongemakkelijk de schijn op te houden dat ik niet van binnen krijs, tegenover één die haar tanden wél durft te laten zijn. Desondanks was ik helemaal klaar om de meest de-motiverende lettergreep uit de Nederlandse taal te horen te krijgen, als gevolg op mijn uitnodiging voor een etentje: Nee. Althans, uitnodiging? Zelf verwoord ik het liever als de meest ongelukkige herformulering van een domme opmerking sinds de mens erachter kwam dat de aarde rond de zon draait. ‘Zei ik zon om de aarde? Ik bedoelde andersom’. Dat ging eigenlijk anders, maar dat is aan historici en niet aan mij om uit te leggen. Al snel verandert haar verwarde blik gek genoeg op zijn beurt weer in een andere blik, een blik die afweging uitstraalt. ‘Wat? Vanavond. Nee sorry.’ Het karakter van de felle moeder heeft plaats gemaakt voor het karkater van een meisje. ‘Girl’s night out. Maar dan nog, let gewoon op waar je loopt, oké?’ En ze loopt weg.
Dat was het dan. Geen één weerwoord verliet mijn mond op de afwijzing die achteraf best genuanceerd was. Beter dan ik verwacht had tenminste. Slechts seconden later draait zij zich om en roept mij na ‘Je volgende date verzoek zou ik toch wat anders brengen!’ Mensen kijken naar mij om en kijken haar na. Wie naar haar kijkt ziet een zelfverzekerd meisje die onder een weggezakte avondzon met een brede grijns richting centraal loopt. Wie naar mij kijkt, ziet een jongen, geslagen door 24 verschillende emoties maar hij kan er geen één identificeren. Aan deze jongen is maar één ding duidelijk, hij heeft een nog bredere grijns dan het meisje.
Het is drie maanden later dan toen dat verhaal plaats vond. Ik ben nog steeds smoorverliefd. Op haar, terwijl ik haar nooit meer gezien heb. Ooit zal ik de overstap moeten maken, overstap naar de realiteit. Toegeven dat ons avontuur bij dat verhaal zal blijven. Maar ik doe het niet, kan het niet. Waarom? Alles is leuker wanneer je verliefd bent.

Ontwerp door Willem Verweijen