Treinrit - Mijn Kort Verhaal - Mijn Kort Verhaal Treinrit - Mijn Kort Verhaal

Manon Eijgel

18 jaar - aso

0
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Manon Eijgel (18 jaar)

? stemmen

Treinrit

Elke dag nam hij dezelfde trein naar zijn werk. Hij zat altijd alleen, zei nooit een woord tegen iemand. het enige wat hij deed was het landschap memoriseren, woorden van de tunnels van buiten leren en vooral mensen bestuderen. Nooit gebeurde er iets opvallends, de mensen gedroegen zich bijna allemaal hetzelfde, zoals een kudde schapen gingen ze allemaal op hetzelfde tijdstip naar hun werk en ze keerden ook allemaal terug op hetzelfde tijdstip. Natuurlijk behoorde hij ook tot die kudde schapen, want hij deed exact hetzelfde.

Maar toen werd de routine van iedereen op de trein verstoord: een arme jongeman probeerde mee te reizen zonder een ticket te kopen, daar had hij simpelweg geen geld voor. De conducteur bemerkte hem en  terwijl  de man zijn best deed om toch te blijven in de trein, werd de conducteur zo kwaad dat hij hem letterlijk uit de trein smeet. Niemand deed iets, allemaal vonden ze dit heel normaal, maar hij was anders. Zoals een schaap afdwaalt van de kudde, stapte hij af en volgde de arme jongeman.

Toen hij eindelijk de jongeman had ingehaald vroeg hij: “Waarheen wil je?” En hij antwoorde: “maakt niet uit naar waar, gewoon ver weg van hier.” Hij dacht eventjes na en besloot voor zichzelf en hem een treinkaartje te kopen voor de eerstvolgende trein. Ze wisten allebei dus niet waarnaar ze gingen en stapten op de trein. Gedurende de hele treinrit zeiden ze allebei niets en wanneer ze afstapten vroeg hij: “En wat nu?” Waarop de jongeman antwoorde: “Dat weet ik niet. Waarschijnlijk een job zoeken zodat  ik geld heb om ergens te overnachten of ik kan op avontuur gaan en niet zoals alle anderen een saai leven verkrijgen dat alleen maar bestaat uit werken.” Hij dacht lang over deze woorden na en besefte dat hij ook zijn leven eens moest veranderen, maar hoe?

Terwijl hij hierover nadacht, zei de man: “Bedankt voor het treinkaartje, maar nu moet ik toch eens doorgaan.” Toen zei hij niets meer draaide zich om en vertrok. Hij stapte terug op de eerstvolgende trein naar huis en eindelijk bedacht hij hoe hij een beetje verandering kon aanbrengen, hij ging gewoon simpel beginnen: niet elke dag dezelfde trein nemen, eens afwisselen en zo nieuwe mensen ontmoeten. Voor hem was dit een grote stap, want zijn leven was heel gestructureerd. Tegen verandering kon hij niet.

Wanneer hij 5 jaar later terug die ene trein pakte kwam hij de (nu niet meer zo jonge) man tegen en eindelijk besefte hij dat de man zijn verloren zoon was. Die was weggelopen op zijn vijftiende, omdat hij een drankprobleem had en het geld altijd hieraan uitgaf. Op een dag kon de jongen al deze problemen niet meer aan en besloot hij weg te lopen. Nu hij zijn zoon opnieuw was tegenkomen en hem zag met zijn vrouw en kind, besloot hij zich niet te mengen in hun leven. Hij had al voor genoeg moeilijkheden gezorgd. Nu wist hij wel dat alles met hem in orde was en begreep hij die plotse dwang die hij had om toen de man te helpen. Hij was blij dat zijn zoon hem niet herkend had. Dit was het beste voor beide partijen. Ze konden nu allebei eindelijk gelukkig hun leven verder leiden.

Ontwerp door Willem Verweijen