Trajeudi - Mijn Kort Verhaal - Mijn Kort Verhaal Trajeudi - Mijn Kort Verhaal

Chloé

17 jaar - ASO

1
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Chloé (17 jaar)

? stemmen

Trajeudi

Het is niet zo lang geleden, maar het lijkt een herinnering waarvan je niet helemaal zeker bent of het een droom was of niet.
Ik was 17 jaar. Eindelijk was het donderdag 1 september en kon ik naar Italië vertrekken, alleen.

Vroeg gaan slapen had niet echt geholpen, van opwinding had ik welgeteld 57 minuten geslapen toen om 6 uur mijn wekker ging.
Eindelijk. Dit zou de beste reis van mijn leven worden. Ik kon niet energieker zijn dan dit. Ik ging naar beneden, bakte nog snel een ei met spek voor mama en mij en ging me daarna aankleden. Dit was lastig aangezien het een warme zomerdag was, maar ik al mijn zomerkledij al had ingepakt. Hier had ik misschien niet zo goed bij nagedacht. Uiteindelijk vond ik nog een short en mocht ik een bloesje van mama lenen.

Om 8 uur stipt stond ik in het centraal station van Antwerpen te wachten op de trein die me mee zou nemen naar een avontuur. Een minuut later arriveerde de trein en nog eens 10 minuten later vertrok deze eindelijk. De trein reed helemaal tot in Milaan, daar moest ik overstappen op de volgende trein naar Sicilië. Tussen deze treinen zat nog 4 uur die ik kon gebruiken om Milaan te verkennen.

Ik wandelde wat door de straten van Milaan, keek naar de etalages van winkels waar ik toch niets zou kopen en ging tenslotte naar een parkje om daar op een bankje neer te ploffen in de Italiaanse zon. Gedurende het eerste uur deelde ik een croissant met een paar eenden en keek naar de mensen die te druk bezig waren om even stil te staan en te genieten. Ik bleef nog wat op het bankje zitten, genietend van de natuur en de warmte.

Plots schrok ik wakker. Een groepje dronken mannen verstoorde de rust in het parkje. Ik was heel even in de war. Waar was ik? Waarom was ik niet thuis?
Toen het tot me doordrong waar ik was, werd ik eerst overspoeld door een golf van geluk, maar die werd al snel overstemd door een golf van paniek. Het was al donker. Dit betekende dat het minstens al 22u was en ik dus mijn trein had gemist. Één overstap die ik moest maken en zelfs die lukte me niet. Wat nu?
Ik begon zo snel mogelijk naar het station te wandelen, in de hoop dat ik op tijd zou zijn voor een andere trein. Eens aangekomen in het station bleek dat de eerst volgende trein naar Sicilië pas morgenvroeg zou komen en ik dus eerst een nacht in Milaan moest doorbrengen, zonder plaats om te slapen.

Ik besloot een kluisje te huren in het station en mijn rugzak voorlopig daar achter te laten en enkel het essentiële mee te nemen. Aangezien ik hier toch nog een tijdje zat, kon ik er even goed het beste van maken.

Na een uurtje ronddwalen vond ik een gezellig barretje waar je ook iets kon eten. Tot het moment dat ik binnenstapte had ik de immense honger die ik had gekregen niet in de gaten gehad.
Een vriendelijke man leidde me naar een tafeltje voor twee personen en begon het bestek van één van de twee plaatsen op te ruimen. Plots werd hij onderbroken door een jonge Italiaan. Ik had geen flauw idee wat hij zei, maar ik wist vanaf dat moment wel dat ik een ongelooflijk zwak had voor gebruinde Italiaanse jongens.
De ober begon het bestek terug te leggen en de jongen ging tegenover mij zitten. Ik had geen idee wat er net gebeurde, maar ik denk niet dat ik het erg vond. Hij bekeek de kaart en ik had even niets anders te doen dan hem te bekijken. Pas toen hij weer op keek drong het tot me door dat ik best even stopte met staren en ook iets koos om te eten. We zaten hier al ongeveer vijf minuten en we hadden eigenlijk nog niets tegen elkaar gezegd. Plots nam hij het woord.
“Ik hoop dat je het niet erg vindt dat ik er even bij kom zitten, ik hoorde je praten tegen de ober en ik dacht wel dat je Nederlands sprak.”
Kon dit nog mooier worden? Dit is dus wat men ‘geluk bij een ongeluk’ noemt. Toen ik besefte dat ik er vrij lang over deed om te antwoorden zei ik: “Oh, geen probleem hoor, ik heb mijn trein gemist dus ik ben hier nog tot morgenochtend alleen. Ik kan wel wat gezelschap gebruiken. Ik ben Louise trouwens.”  Sneller dan dit had ik volgens mij zelden tot nooit gepraat.
“Mijn naam is Thibau, ik woon hier al 15 jaar, mijn moeder komt uit België, maar ze is de liefde gevolgd en bij mijn vader hier ingetrokken,” zei de knappe jongen die nu dus een naam had. Dit verklaarde meteen waarom hij perfect tweetalig is.

Ik weet niets over liefde, maar nadat we nog tot drie uur in het restaurantje gepraat hadden, voelde ik toch iets in mijn buik wat verdacht dicht bij de beschrijvingen van verliefdheid aansluit.

Toen hij uiteindelijk wel naar huis moest, besloot ik om nog heel even te blijven zitten om te denken wat ik nu moest doen. Thibau was nog maar net vertrokken, maar ik zag dat hij zijn gsm was vergeten dus ik rende snel naar buiten in de hoop dat hij nog in zicht was. Gelukkig stond hij maar aan de overkant van de straat dus ik riep “Thibau!” Hij draaide zich om en kwam terug toen hij zag dat ik zijn gsm vast had. Net toen hij de straat over stak kwam er een politiewagen de hoek om geracet met loeiende sirenes. Alles wat vanaf dan gebeurde, leek een uur te duren maar was toch na een halve seconde gedaan. Het beeld van Thibau op de straat, een aanstomende massa en opnieuw loeiende sirenes, van een ambulance deze keer, zal mijn netvlies nooit meer verlaten.

Hoe kan iemands leven in 2 seconden zo hard veranderen?

Ontwerp door Willem Verweijen