Hoop - Mijn Kort Verhaal - Mijn Kort Verhaal Hoop - Mijn Kort Verhaal

Yentl

17 jaar - havo

0
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Yentl (17 jaar)

? stemmen

Hoop

De laatste blik had ik gekregen, jammer genoeg was dat de laatste. Mijn lieve vrouw.

 

Samen lopen we door de ziekenhuis gangen, onze armen in elkaar verstrengeld, angstig kijkt ze me aan.

Bang wat er zou gaan gebeuren, ook al wist ik dat zelf ook nog niet.

Ik had het niet willen weten toen ik de brief 2 maanden terug had gekregen.

Snel had ik hem open gemaakt maar ook snel weer weggedaan. Weggelegd, verstopt, niemand zou die brief moeten lezen.

Het was een rustige dag behalve voor mij, mijn hoofd kon het eigenlijk niet meer aan maar doe alsof er niks is.

Mijn dochtertje kijkt mee aan met haar grote glazige ogen, die ogen die nu al helemaal dof zijn.

Ik geef haar glimlach en ze weerkaatst er een terug.

Het doet pijn te weten dat ik nu tegen haar lieg, een glimlach, een teken van rust.

Rust, dat zal ze niet kennen de aankomende tijd.

Rustig had ik de brief doorgelezen, “uw dochter Liz Anna Dijk is ziek verklaard, het bloedprikken heeft een negatieve uitslag”

Ik voel mijn hart gaan.

Eerst mijn vrouw en nu mijn dochtertje? Dat was het enige waar ik aan dacht.

Die overstap van mijn vrouw naar mijn dochter kan ik niet aan.

Ik til haar op en hou haar stevig vast en loop naar boven om haar op bed te leggen.

Boven aangekomen te zijn leg ik haar voorzichtig in bed, ze geeft me de liefste blik die ik nog nooit heb gehad, een blik wat zegt, “het is goed papa” ik wil dit niet denken zeg ik tegen mezelf.

Ik doe zo achterlijk, dit moet ik niet denken, er is nog zoveel hoop, hoop is toch waar iedereen altijd op wacht en uiteindelijk ook krijgt?

Ik geef haar nog een zoen en loop duizelig naar beneden.

Wat en als zijn gewone woorden apart maar als je ze samenvoegt is het een bedreigende zin, wat als…. Wat als? Zulke gedachten sluipen steeds weer naar binnen, ik word er gek van.

Na veel nagedacht te hebben loop ik de trap op, ga liggen in bed en zak weg.

Sochtends gaat de wekker, 8 dec, die dag vergeet ik niet meer, we rijden en rijden, Liz kletst alsof ze van niks weet, ze weet ook van niks. We lopen met onze armen verstrengeld in elkaar, de overstap van buiten naar binnen de draaideur in is op 1 of andere manier erg zwaar.

Het voelt alsof ik precies zo loop als ik ook met mijn vrouw heb gelopen , 3 jaar terug.

Wat een verschrikkelijke tijd en nu ga ik weer zo’n tijd tegemoet.

Ik kijk naar beneden, naar het kleine hummeltje wat mijn hand nu vast houd en voetje voor voetje naar voren schuift en voorzichtig om zich heen kijkt. We lopen de gangen door en komen aan bij de poli.

 

De dokter kijkt naar ons en geeft een gebaar dat we naar binnen mogen komen dus we stappen beide voorzichtig naar binnen, de angst in haar ogen die vergeet ik nooit meer.

Ik had gedacht dat ze het allemaal nog niet zo goed zou begrijpen maar dat doet ze wel.

 

We gaan op 1 stoel zitten, Liz op mijn schoot.

Na een erg lang gesprek lopen we samen weer de deur uit. En ik krijg een grote glimlach tegemoet van het liefste meisje.

“de dokter was blij met mij toch papa? Hij zei dat ik goed was”

“dat klopt lieverd” helemaal verbaast loop ik door met zelf ook een grote glimlach op mn gezicht.

Er was dus echt nog hoop denk ik bij mezelf, niet elke overstap hoeft negatief te zijn, er is altijd hoop.

Samen lopen we door en rijden we terug, we hebben samen de leukste gesprekken, ze begrijpt alles wat ik zeg, we stappen de auto uit en lopen naar binnen.

Ze springt in mn armen en houden elkaar zo stevig mogelijk vast bang om elkaar te verliezen, maar we houden hoop.

Wacht op hoop, dan zou je die op een dag ook werkelijk krijgen en onthoud goed dat niet elke overstap negatief uitpakt.

Ontwerp door Willem Verweijen