Het Burringtons Lot - Mijn Kort Verhaal - Mijn Kort Verhaal Het Burringtons Lot - Mijn Kort Verhaal

Lissa Gottenbos

15 jaar - vwo

3
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Lissa Gottenbos (15 jaar)

? stemmen

Het Burringtons Lot

Het Burringtons lot

De brief schuift door de brievenbus en valt langzaam op de grond. Dreigend prijkt een doodshoofd op de voorkant. James kijkt op zijn horloge, 7:12, staat dan op uit zijn stoel, raapt de brief op en scheurt hem open.

19 september 2016
Kom niet naar De Staelmit. We wachten je op.
We zullen je vinden. Jij, je familie,
Jullie gaan eraan.

Weer valt de brief op de grond. James Kijkt naar zijn bevende handen.
Wat was vader van plan?

Zijn handen zijn nog nat als hij de telefoon oppakt.
‘Ik heb slecht nieuws, meneer McBurrington,’ zegt een maar al te bekende stem.
‘Commissaris, wat is er?’ Maar James weet het al. Hij voelt het.
‘Uw vader, meneer Jason MacBurrington, is helaas overleden. Vermoord.’
Het kon niet anders. De brief, van twee dagen geleden. Vader die gisteren halsoverkop vertrokken was, duidelijk nerveus. Zijn afscheidswoorden hingen nog steeds dreigend in de lucht.
Vaarwel, mijn zoon…

8:48. Langzaam loopt James het museum binnen. Hij ziet de bekende bordjes en linten, de politiemensen en de mensen van het forensisch team. En daar ligt zijn vader.
‘Meneer McBurrington, ik weet dat dit uw vader is, maar ik zou u willen vragen of u ons kan helpen bij het onderzoek. Door uw zijn al vaker mysteries opgelost die anders nooit opgelost zouden zijn.’
‘Ja, tuurlijk,’ zegt James kort, meer uit gewoonte dan uit overtuiging.
Als hij dichter naar zijn vader loopt, valt hem iets op. Zijn vader was net in pak geweest toen hij vertrok, nu lag hij met zwarte joggingbroek en ontbloot botenlijf in een onnatuurlijke houding op de grond. Niet alleen onnatuurlijk, meer gemaakt. Alsof hij neergelegd was. En er stond iets op de grond geschreven:
Ik had gezegd dat we u zouden opwachten. Nu u bent geweest is uw dochter aan de beurt, dan uw zoon. Wereld, bereid je voor op revanche, REVOLÚTIE!!
Met atbash zal u weten: 887775663551. Oxford Street, 666

Uw zoon, de wereld, stond er. Ik, wij… Atbash, 887775663551. Oxford Street. 666.

9:25.’Al iets te weten gekomen, Meneer McBurrington?’ De commissaris was naast James komen staan, terwijl hij geconcentreerd naar zijn papier staarde.
‘Atbash…887775663551… Wat betekent dat?
‘Atbash is één van de oudste geheimschriften die er bestaan, Hebreeuws. Het houdt in dat alle letters van het alfabet juist precies de tegenovergestelde letter worden, aan de andere kant van het alfabet. A wordt Z, B wordt Y, etc. Dit is wat je zou krijgen als je het hierbij zou gebruiken.’
James wijst de tabel op zijn papier aan:
0 1 2 3 4
9 8 7 6 5

‘Vertaald is 887775663 dan 112224336. Ik heb alleen geen idee wat dat moet betekenen.’
‘klinkt als een soort code,’ klinkt een meisjesstem van achteren. Verschrikt kijkt James op.
‘O, dat is mijn nichtje, Ginny’ zegt de commissaris, ‘Ze komt je helpen.’
James concentreert zich weer op zijn papier.
U, uw zoon, de wereld, galmt het door James zijn hoofd. 9 cijfers, 3 dingen. 12:4=3. 112, 224, 336.
‘Hoe laat is mijn vader vermoord?’ vraagt James.
De commissaris kijkt op zijn horloge, 10:34 uur. ‘Zo’n tien en een half uur geleden.’
12 uur vannacht.
Vader, nummer 1:12 uur. Zoon, nummer 2:24 uur. Wereld, nummer 3:36 uur
De code, het geeft aan wanneer wat gebeurt. Mijn vader is om 12 uur vermoord, ik… wordt om 12 uur vanmiddag vermoord, en de wereld om 12 uur vannacht.’
Een golf paniek trek door het lichaam van James.
‘Oké. Dan hebben we alleen Oxford Street, 666 nog. Dat lijkt me een straat en een huisnummer. Hoe laat is het?’
11:01.
‘Het is maar twintig minuten naar Oxford Street.’

11:28. James en Ginny slaan de hoek om en rijden Oxford Street in.
Ze stoppen voor nummer 666 en springen uit.
‘Een winkel? Wat moeten we hier?’ zegt James verbaasd.
‘Geen idee.’
Achter de bar staat een oud mannetje. Langzaam kijkt hij op als James en Ginny binnen komen.
‘Waarmee kan ik u helpen?’ vraagt de man.
‘Hallo, ik ben James McBurrington…’ begint James
‘Aa, mijnheer Burrington, we verwachtten u al. Kom maar mee.’ Het mannetje neemt de twee mee naar een verborgen kamertje achter in de winkel. Binnen is het donker. En stil. Dan gaat de deur krakend dicht en schiet er een flits door de kamer.
Een klok slaat twaalf uur. Twee handen pakken James in een ijzeren greep bij zijn keel.
‘whaa…’ sputtert James.
‘Het is twaalf uur. Nu heeft Andós Traytheodus vrije toegang tot de wereld. Revanche, REVOLÚTIE!’ klinkt de dreigende stem van Ginny in zijn oor.
‘Nee, dat had je niet verwacht, hè? Dat je trouwe hulpje je moordenaar zou zijn? Wraak zullen we nemen!’ Ginny’s stem is van gefluister veranderd in hysterisch geschreeuw.
Half stikkend probeert James zich los te trekken, maar het haalt niets uit.
‘Je wil weten wat dit alles is, hè? Waarom je vader is vermoord!’ fluistert Ginny in James’ oor. James stopt met vechten en kijkt Ginny paniekerig aan.
‘Hij was de sluitsteen, van de Priorij, en jij de sleutel,’ vervolgt Ginny, ‘Je vader zat ons in de weg! Wij wilden ons doel bereiken, en hij hield ons tegen. Op De Staelmit stond het grootste geheim van de Priorij von Priokilosmaen. De wereld moet het weten maar de Priorij wilde het vernietigen. Nu ben jij de enige die ons nog in de weg staat!’
James stoot zijn knie in haar buik en gooit haar om. Hij rent weg, maar hoort Ginny achter zich weer overeind krabbelen. Dan voelt hij een vlammende pijn in zijn arm. Snel trekt hij het mes uit zijn vlees en gooit het met een felle beweging naar achteren. Ginny valt geluidloos op de grond. Met een ruk draait James zicht om en ziet dat het precies raak was, ze is dood. Nu heeft ook hij een moord op zijn geweten…

‘Gefeliciteerd, Meneer McBurrington, ’zegt de commissaris, ‘Dankzij u is de zaak opgelost.
‘Maarre… ik krijg zeker nooit meer te horen wat er nou op die Staelmit staat hè?’
‘Inderdaad.’

Ontwerp door Willem Verweijen