Harten trein - Mijn Kort Verhaal - Mijn Kort Verhaal Harten trein - Mijn Kort Verhaal

Femke Schreuder

19 jaar - MBO

22
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Femke Schreuder (19 jaar)

? stemmen

Harten trein

Ik kijk nu al twee uur stiekem naar zijn haar, zijn ogen, zijn lippen, hoe zijn blik zo kalm staat en toch zo energiek. Het liefst zou ik foto’s maken en ze ophangen. Praten durf ik niet. Kijken… dat heel voorzichtig wel. De kleur van groene weilanden razen achter hem voorbij. Met de gouden zonnestralen die zijn ogen laten schitteren, is hij misschien wel het mooiste wat ik ooit heb gezien. Ik zal het nooit delen met een ander, dat ik hier zo stilletjes heb zitten genieten.

Ik vraag mezelf af… ben ik de enige? Zijn er nog meer die jouw schoonheid zien zoals ik? Mijn buik zit vol vlinders. En dat zonder enig contact. De hele twee uur kijkt hij alleen nog maar naar buiten. Hij heeft nog maar een half uur om mijn gedachten zo op hol te brengen als nu. Hij heeft geen idee. Of misschien wel, ik hoop het niet. Dan zal de rust verstoord worden.

Hoe zou hij klinken, ruiken en voelen? Het is alsof ik samen met hem alleen op de wereld ben. Zo benieuwd, maar ook zo bang. Ik kijk hoe hij rustig zijn ogen dicht doet en ze even laat rusten. Gefascineerd doe ik hetzelfde. Maar het maakt geen verschil, ik zie hem nog steeds. Is dit liefde op het eerste gezicht? Mijn moeder zou zeggen van niet, hij heeft mij immers nog niet eens opgemerkt. Maar oh laat het hem doen. Laat hem mij opmerken, laat hem dit ook voelen. Laat hem vlinders voelen. Zo fladderend als die van mij dat doen. Misschien is het geen liefde op het eerste gezicht, maar is het dan verliefdheid?

Ik doe mijn ogen na een lange tijd open. Ik schrik, want hij zit er niet meer. Ik kijk naast me uit het raam en zie dat we zijn in Amersfoort aangekomen. Paniek slaat tot me toe. Wat moet ik doen, ik zal hem nooit meer zien! Ik pak m’n jas en tas en val bijna als ik opsta. Ik ren naar de deuren en spring naar buiten. Het station staat vol mensen en de moed zakt me in de schoenen. Zo vind ik hem nooit meer terug! Toch begin ik richting de stationshal te rennen. Mijn ogen scannen de ruimte. Ik voelde de tijd tussen mijn vingers glippen tot plots in de verte zijn gezicht opdook. Ik geef mezelf snel een peptalk en probeer met een zo normaal mogelijk, snelle pas naar hem toe te lopen. Hij loopt de trap af bij spoor vier. Nee! Hij heeft een overstap. Ik begin weer te rennen. Ik ben nog maar twee stappen van hem verwijderd.

Ik tik hem op de schouder. Hij draait zich rap om en kijkt me verward en gehaast aan. ‘Ik weet dat je haast hebt, maar alsjeblieft blijf nog even hier.’ Ik sla een hand voor mijn mond. Ik voel de hitte omhoog komen en doe een stap naar achter. Zijn ogen beginnen te stralen en zijn mondhoeken krullen omhoog. ‘Waarom zou ik nog even moeten blijven?’ Hij geeft me een speelse blik. Het voelt alsof mijn hart stil staat. Tintelingen gaan door mijn lichaam en mijn mond zakt open. ‘Mijn trein gaat pas over zeven minuten. Is dat lang genoeg?’ Ik knik. ‘Ik ben Nicole.’ Het blijft even stil en hij blijft me alleen lachend aankijken. Toen trok hij eindelijk zijn mond open. ‘Tristan. Wil je even ergens gaan zitten?’

Zes minuten lang hebben we naast elkaar gezeten en gepraat. Toen moest hij toch echt zijn trein in, op het opstapje bleef hij nog even staan en draaide zich naar me toe. ‘Wil je niet met me mee komen?’ Ik begin te stotteren maar hij pakt mijn hand en trekt me mee naar binnen.

Tegenwoordig is zijn overstap ook mijn overstap.

Ontwerp door Willem Verweijen