De drakenelf - Mijn Kort Verhaal - Mijn Kort Verhaal De drakenelf - Mijn Kort Verhaal

Marnix Bosker

16 jaar - VWO+

0
stemmen

Deel dit verhaal

Stemmen
niet meer
mogelijk

Je hebt
gestemd!

Marnix Bosker (16 jaar)

? stemmen

De drakenelf

De drakenelf

Alles ging fout. Ik wilde nog vluchten, maar mijn groene pak bleef hangen en het was al te laat. Hij zag mij, hij keek mij in de ogen. Ik zag zijn roodgloeiende ogen van woede, verdriet en toch wel een beetje bang. 1 verkeerde beweging en ik was klaar. Zijn mond ging open en zijn vlijmscherpe tanden kwamen tevoorschijn. Ik stak heel voorzichtig mijn hand uit, maar hij was bang voor mij. Dat beest was nog groter en enger dan ik eigenlijk zou ik bang moeten zijn. Waarschijnlijk had het beest nog nooit een ander wezen gezien, ik ook niet voordat ik hem zag.  Hij vloog toen weg. Ik was van plan hem nog achterna te gaan, maar dat zou gevaarlijk kunnen zijn. Dat was de eerste draak die ik ooit had gezien en niet de laatste. Het was verboden om de draken op te zoeken alleen de elven met de hoogste rang mochten dat en daar was ik niet een van. Elke draak is anders en niet alle draken zijn slecht, maar ook niet alle draken zijn goed. Ik heb geleerd om te vliegen van een draak. De draak heeft grote vleugels om makkelijk omhoog te komen en was erg dun zodat de wind er makkelijk langs kan. Ik probeerde de draak na te doen en leerde toen hoe ik moet vliegen. Ik moest nog veel leren om hoge rang te worden, het vliegen was al een mooi begin. Ik voelde mezelf nooit speciaal, maar ik heb nog nooit een andere elf zo dicht bij draken gezien als ik. Ik heb nooit het slechte deel van draken meegemaakt, maar volgens de verhalen wil je dat ook niet. Toen ik de draken leerde kennen waren ze best aardig ze hebben me tenslotte leren vliegen. Volgens de hoge rank zijn draken slecht, maar ooit ga ik het tegendeel bewijzen. De draken hebben een slechte reputatie bij de elven, omdat er ooit een lange en pijnlijke oorlog was. Er was geen winnaar of verliezer bij de oorlog er kwamen te veel slachtoffers en er moest een vrede komen. Die kwam er ook, maar de haat ging nooit weg. Toen de klok 12 uur sloeg en de hoge rang waarschijnlijk al sliep, sloop  ik naar buiten op weg naar het hol. Het hol was een van de gevaarlijkste plekken voor een niet getrainde elf. Ik liep naar binnen en zag daar 4 draken, 2 van de draken waren al bekend voor mij. Ik liep dichterbij, maar ik stond opeens op een tak. De tak kraakte en het geluid was hard. De draken werden wakker, Maar daar lag ze dan de blauwe draak met de grote vleugels. De draken liepen op me af en keken woest dat ik hun uit hun slaap had wakker gemaakt. De draken waren boos, maar 1 van de draken nam het voor mij op. Ze gooide haar vleugels als een deken over me heen, 2 van de draken kende ik al. De draak die vroeger weg vloog stond toen achter de vleugel, de draak communiceerde met de draak die mij beschermde en kwam aan mijn kant. Toen stonden er 2 draken aan mijn kant en 2 aan de andere kant. De laatste 2 draken kwamen toen ook bij mij en ik ben welkom bij de draken. We hadden een hele leuke tijd samen, maar we moesten weer een keer uit elkaar. Ik zwaaide de draken uit en vloog weg. Toen ik thuis kwam was het al weer laat, ik rende naar boven en ging meteen naar bed. De dag daarna kwam ik beneden en mijn ouders keken me raar aan. Ik keek in de spiegel en er was niks. Ik vroeg waarom ze zo keken en grepen naar m’n nek en daar zat een ketting. Ik keek naar de ketting en dacht aan gisteren. Ik had een drakenketting om, een teken van vriendschap met de draken. Mijn ouders waren woest en verboden het om met de draken contact te houden, niet dat ik daar na zou luisteren. Ik was van plan om die avond nog naar de draken te gaan en niks zou mij weerhouden. Die avond besloot ik om weg te sluipen, maar dat was niet mijn beste idee. Het was avond en ik vloog uit het raam naar buiten, toen ik aankwam bij de draken was er iets anders. De draken waren bang, maar niet voor mij er was iets anders. Ik liep door de grot en keek wat er was, maar er leek niks anders te zijn tot ik omlaag keek en daar lag iets. Het was glimmend en lang, van hout en had een kromming aan het eind. Het was een staf, maar niet zomaar een staf het was de staf van mijn vader. Ik keek weer rond, maar mijn vader was nergens te bekennen. Maar net toen ik van plan was met de draken te gaan vliegen zag ik iets. De groene draak zijn vleugel was gewond. Ik keek om me heen en alle draken hadden pijn. Mijn vader was dus gewelddadig en heeft de draken pijn gedaan. Ik was er klaar mee en ging woedend naar de opper elf. Magnus, is zijn naam. Ik liep naar het paleis en ik werd tegengehouden door 2 wachters. Toen de wachters niet opletten sloop ik er langs en kwam bij de opper elf. Ik moest mij inhouden en niet gaan schreeuwen. De elf en ik sloten een compromis waar niemand won en er geen oorlog meer was. De opper elf maakte het een dag later al duidelijk en de elven moesten het conflict vergeten. Ik ging naar de opper draak en vertelde alles. De draken en de elven vonden het allebei goed en het is nu nog steeds een vriendschap. Elk jaar op de dag dat de compromis was gesloten is er nu een groot feest, waar de draken en de elven samen vliegen en andere leuke dingen doen. De oorlog werd nooit vergeten, maar het voelde alsof er nooit een oorlog was.

 

Ontwerp door Willem Verweijen